Laatste preek

(door Robert)

 

Gods leiding in ons leven

 

Dit is natuurlijk een heel uitgebreid onderwerp en iedereen heeft weer zijn eigen invalshoek. Zo’n boodschap vermengt zich dus automatisch met een stukje persoonlijk getuigenis.

Gods leiding herkennen is een belangrijk onderwerp als je zijn dienaar wil zijn.
Maar hoe weet je nou wat God wil?

Ik vind het opvallend wat er in het verhaal van Jezus over de rijke man en de arme Lazarus staat. Beide mannen waren gestorven en zaten nu in de wachtkamer van het hiernamaals.

De rijke man vroeg aan Abraham:
Dan smeek ik u, vader, dat u Lazarus naar het huis van mijn vader stuurt, want ik heb nog vijf broers. Hij kan hen dan waarschuwen, zodat ze niet net als ik in dit oord van martelingen terechtkomen. Abraham zei: Ze hebben Mozes en de profeten: laten ze naar hen luisteren! De rijke man zei: Nee, vader Abraham, maar als iemand van de doden naar hen toe komt, zullen ze tot inkeer komen. Maar Abraham zei: Als ze niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen ze zich ook niet laten overtuigen als er iemand uit de dood opstaat.’
(Lucas 16:27-31).

De Bijbel is dus in principe genoeg, zegt Jezus in deze parabel.
Typisch hè? We zouden denken, flink wat wonderen erbij, dat is de oplossing. Maar we hebben in Groningen in het begin ook veel wonderen gezien, maar veel mensen zijn toch afgevallen.

In de Bijbel staan een heleboel algemene aanwijzingen hoe we moeten leven. Als we ons daardoor laten leiden, komen we al een heel eind, zo ver zelfs dat we gered kunnen worden, de heilige Geest en het eeuwige leven kunnen ontvangen en hier een gezegend leven kunnen hebben.

Maar God kan ook specifieker tot ons spreken, ook door de Bijbel heen.

In mijn hippietijd las ik één keer in de Bijbel, misschien 5 minuten. Het ging over de boom van kennis van goed en kwaad en over de boom van het leven.
Die laatste was mij eerder nog nooit opgevallen. “Die eerste boom heb ik al”, dacht ik, “en die andere wil ik ook hebben!” Dat zette me aan om met vernieuwde kracht verder te zoeken. Zes maanden later had ik die boom!

Of een ander voorbeeld hoe God door een tekst heel specifiek kan spreken, was een paar jaar later toen ik in een bedrijf werkte. Tijdens de pauze kreeg ik de drang om het Evangelie uit te roepen. Opgewonden en zenuwachtig ging ik in een hoekje zitten en zei: “God als U wilt dat ik spreek, geef me dan een tekst daarover als ik de Bijbel opensla”. De eerste tekst die ik las was: Verkondig het woord, dring erop aan, gelegen of ongelegen.
Nou ja, duidelijker kan niet, dus ik ging terug en ben in de kantine op een stoel gaan staan en ben begonnen te spreken met mijn bijbeltje in de hand.

God kan ook rechtstreeks tot ons spreken. Dat zien we bijvoorbeeld in het leven van Abraham toen God hem zei op reis te gaan. Hij kende God waarschijnlijk voor die tijd niet eens. Ik heb me wel eens afgevraagd hoe hij die stem dan gehoord had. Maar toen dacht ik aan mijn eigen leven.
Drie maanden voor mijn bekering, toen ik nog niet in God geloofde, bracht ik wat dagen van vasten in het bos door en nadat ik beloofd had de waarheid te dienen – wat die ook was – hoorde ik een stem in mijn binnenste die zei: “Ga naar het noorden”.
Die stem klonk zacht maar heel beslist, boezemde veel vertrouwen in, klonk eigenlijk heel gewoon alsof het mijn eigen stem was maar ook weer niet, maar was tegelijk vol gezag maar zonder enige dwang. Eigenlijk vertelde die stem al een heleboel over hoe Gods is.
We vertrokken in een woonwagentje naar het noorden en daar aangekomen zei diezelfde stem drie maanden nadat ik hem voor het eerst had gehoord nu weer en met diezelfde rust en beslistheid: “Roep Jezus aan”. Dat probeerde ik en kwam (tot mijn eigen grote verbazing) tot bekering.
Dat was dus duidelijk Gods stem geweest.

In het leven van Abraham zien we verder dat God ook door visioenen, dromen en engelen tot hem sprak. Datzelfde zien we ook bij de eerste christenen, zoals Joël ook voorspeld had voor de kinderen van God.

Mijn vrouw had vroeger duidelijke dromen van God. Ik heb dat zelf één keer meegemaakt – die was toen heel indringend.
Echte visioenen kan ik me niet herinneren, wel beelden bij gedachten.
De keren dat ik engelen tegenkwam, hadden ze geen gesproken boodschap.

God spreekt ook tot ons door gedachten en gevoelens in ons binnenste, en dan moeten we Gods stem goed onderscheiden – en dat is niet altijd even makkelijk.
Ons vlees wil namelijk ook graag een woordje meespreken. Dat zien we bijvoorbeeld als iemand een nieuwe relatie krijgt. Dan komt er ineens een overvloed aan bevestigende tekens en stemmen op iemands pad.
En de duivel kan ook heel vroom doen en Gods stem imiteren.
Het leren onderscheiden van Gods stem vraagt dus ook om eerlijkheid en onderscheid van geesten en natuurlijk een gedegen kennis van de Bijbel, waar we alles – zo mogelijk – aan moeten toetsen.

Henk Binnendijk vergeleek het luisteren naar Gods stem met een horloge dat je kwijtraakt in een hooiberg: dan moet je de tijd nemen en heel stil worden en heel goed luisteren naar het tikken van het uurwerk om die terug te kunnen vinden.

Ik kende een evangeliste bij wie alle gaven goed werkten, o.a. die van profetie en openbaringen. Ze zei dat ze eigenlijk nooit bad, maar wel dagelijks twee uur de tijd nam om naar God te luisteren. En dankzij die oefeningen kon ze anderen heel effectief dienen.

God spreekt dus door de Bijbel of rechtstreeks tot ons, maar ook door andere mensen of ze nou wijs zijn of niet, gelovig of niet en soms door ezels dus, zoals de ziener Bileam had ervaren. God kan iedereen en alles gebruiken.

Er was een tijd dat ik minder in de Bijbel las en ik zat op een middag in een woordenboek te neuzen toen mij ineens opviel dat ik al bladerend allerlei woorden zag die samen een perfecte zin vormden en die duidelijk een boodschap van God voor mij was.

God spreekt ook door omstandigheden, Hij stuurt je dan een bepaalde kant op. Of door een stuk lijden, een pak voor de broek die je weer op het rechte pad brengt.

En God spreekt natuurlijk ook door krachten heen, door wonderen.
En God weet precies hoe iemand aan te spreken, Hij spreekt vele talen. Dat vind ik zo mooi. Hij spreekt eenieder aan op zijn eigen niveau.
Ik had eens een beroepsbokser uit Rwanda mee naar de kerk genomen.
Bij de oproep om gebed legde iemand hem de handen op en hij sloeg met een klap tegen de grond – knock-out. Dat werd zijn bekering. Die taal snapte hij.
Ik heb hetzelfde zien gebeuren bij iemand die heel fanatiek in een of andere oosterse vechtsport was.

En God spreekt door tekens.
Gideon vroeg of God een teken wilde geven en dat lezen we in de Bijbel vaker dat God zo werkte. Ik heb zelf vaak om tekens gevraagd vanuit mijn onzekerheid en best wel vaak gekregen.
Ik was eens in een lastige situatie met iemand die Jezus niet volgde en die wilde voor een bepaalde beslissing dat we samen een muntje zouden gooien. Ik zei, oké, maar dan bid ik eerst om Gods leiding. De persoon gooide, maar was het niet eens met de uitslag en gooide nog eens vier keer en iedere keer met dezelfde uitslag, en dat was duidelijk Gods wil.

Maar we hebben niet steeds een stem of teken nodig om in Gods wil te leven.
Ik was vroeger erg onzeker en zocht voor alles bevestigingen.
God is me daarin veel tegemoetgekomen en heeft vaak tot me gesproken.
Maar natuurlijk moest ik leren me ook op een andere manier te laten leiden.
Op een avond zei God door een profetie tot mij: “Je bent als een trein op de rails. Ik zal je leiden als je rijdt. Zo gauw je gaat rijden, zal Ik waar nodig de wissels omzetten.”
Dat gaf een stukje rust. Gewoon leven dus, wandelen met God en Hij leidt dan.

God werkt met onze vrije wil, wil dat we onszelf zijn en als mens tot ontplooiing komen. Hij wil geen robot van ons maken. Hij wil dat wij iets reflecteren van Gods wezen en dat kan zich alleen ontwikkelen als we vrij zijn, ons vrij voelen.
Het viel me eens op dat er geschreven staat dat God ’s avonds in het paradijs langskwam bij Adam en Eva. Overdag dus niet. Hij gaf ze de ruimte, liet ze vrij.

Maar als we zijn stem heel persoonlijk leren horen en ernaar handelen, dan geeft dat wel kleur aan het leven en soms nog veel meer dan dat. Onder zijn persoonlijke directe leiding zijn we veel effectiever en dat is alleen maar positief.
Iemand die ik ken stond op het punt zelfmoord te plegen – het touw hing klaar – en toen werd er aangebeld en een onbekende man zei: “God zegt dat je niet moet doen wat je van plan bent”. En hij is tot bekering gekomen.

Natuurlijk is het ook wel eens moeilijk, confronterend om zijn stem te horen. Hij kan je ook dingen vragen waar je geen zin in hebt of niet durft.
God heeft me regelmatig aangezet om te evangeliseren.
Op zich was het fijn om de drang van de heilige Geest te ervaren, maar ik kreeg het er ook weleens benauwd van.
Ik woonde in Schinnen op een plein waar eenmaal per jaar de kermis kwam. “Eigenlijk zouden al die kermislui het Evangelie moeten horen”, dacht ik. En die gedachte bleef heel sterk hangen, dat had ik wel vaker zo ervaren. Maar nu werd ik angstiger dan normaal.
Ik ben ermee naar de voorganger gegaan en hij zei dat ik het toch maar moest doen. Ik deed het en had geweldige gesprekken, de heilige Geest werkte volop.
Als je evangeliseert ben je aan de frontlinie en dat gaat gepaard met benauwdheden en angst, dat is een tegenaanval van de satan, dat is normaal.
Maar vaker ging ik niet meer op die stem in – dat vond ik wat te heftig worden – en daardoor hoorde ik die stem ook minder.
Dat is natuurlijk wel een gevolg als je niet naar zijn stem luistert, dan gaat Hij ook niet meer spreken, totdat je weer gehoorzaamt.

God spreekt heel graag tot ons, meer dan dat we denken. En daarom zegt God door de mond van Paulus dat de belangrijkste gave waar we naar moeten streven die van profetie is. Petrus zegt het wat algemener en zegt:
Spreekt iemand, laten het woorden zijn als van God.
Dat moet ons algemeen streven zijn als we Hem dienen. Daar hebben anderen tenminste wat aan.
Profetieën hebben mij vroeger erg opgebouwd, maar jammer genoeg werkt deze gave tegenwoordig nauwelijks meer. Maar Gods woord blijft staan: Streef naar de gaven van de Geest, vooral naar die van profetie.

Het is vandaag Moederdag. Wat met opvalt is dat op Vaderdag in de kerk vaak extra aandacht gegeven wordt aan God als onze Vader. Op Moederdag krijgt God geen extra aandacht. Maar God schiep de mens naar zijn beeld als man en vrouw. God is net zozeer een Moeder als een Vader. Dat ervaar ik bij de heilige Geest. Hij wordt een trooster genoemd, een raadsman, hij onderwijst en corrigeert – vaak dingen die een moeder doet.
En dat zien we terug in wat Paulus zegt over degene die de belangrijkste gave van de heilige Geest gebruikt:
Maar iemand die profeteert spreekt tot mensen, en wat hij zegt is opbouwend, troostend en bemoedigend (1 Kor. 14:3). En dat heeft iedereen zo nodig.

Luisteren naar zijn stem vraagt dus om oefening, je kunt naar die gave streven, ook in je dagelijkse leven.
Ik merk dat God vaker spreekt in hele kleine dingetjes.
Gisteren in de winkel bijvoorbeeld leek het alsof een stemmetje zei dat ik tomaten mee moest nemen. Nee, dacht ik, die heb ik niet nodig. Maar Jonathan ging koken die avond en vond het zo jammer dat er geen tomaten waren.
Soortgelijke situaties heb ik vaak meegemaakt. Alsof God me wil oefenen in schijnbaar heel onbenullige dingen om goed naar Hem te leren luisteren.

We kunnen onszelf oefenen door Hem in alles te betrekken bij ons dagelijks leven, Hem advies te vragen, ook over hele kleine praktische dingen. God heeft overal de tijd voor. En zo raken we erin geoefend Hem te horen. En dan zal ons gebed ook meer vermengd zijn met luisteren. Tot grote vreugde van God en een verrijking voor onszelf en onze kerk en de mensen om ons heen die ernaar verlangen zijn stem te horen.